Er is iets vakkundigs de kop ingedrukt.
Iets drukte vakkundig een kop in.
Wat werd er ingedrukt?
Er ging iets helemaal fout op het laatst.
Op het laatst ging het goed fout.
Wat ging er fout?
Er was geen antwoord onbegrepen.
Het antwoord werd begrepen.
Wat was de vraag?
Er was geen vraag, geen slaap, geen lach.
Er was een vaag geluid.
Was het de dageraad?